Twee verschillende berekeningen: vergelijk de binaire analyse met de gewogen gevoeligheidsanalyse.
Binaire analyse
Iedere geselecteerde soort telt volledig mee in de groepsdichtheid.
Gewogen gevoeligheidsanalyse
Primair groepslidmaatschap telt voor 1,0 en secundair lidmaatschap voor 0,5 mee.
Langeafstandstrekkers
De functionele groep Langeafstandstrekkers omvat vogelsoorten die na het broedseizoen Europa verlaten en overwinteren in Afrika ten zuiden van de Sahara. Hun jaarlijkse levenscyclus strekt zich uit over duizenden kilometers en omvat zeer uiteenlopende leefgebieden. Daardoor worden deze soorten niet alleen beïnvloed door de kwaliteit van hun broedgebied in Meijendel, maar ook door omstandigheden langs de trekroute en in de overwinteringsgebieden.
In vergelijking met standvogels en korteafstandstrekkers zijn langeafstandstrekkers afhankelijk van een reeks ecologische systemen die geografisch ver van elkaar liggen. Veranderingen in klimaat, droogte, landgebruik, voedselbeschikbaarheid of sterfte tijdens de trek kunnen daardoor invloed hebben op de aantallen broedvogels die ieder voorjaar naar Meijendel terugkeren. Deze vogelgroep vormt daarom een indicator voor processen die zich grotendeels buiten het studiegebied afspelen.
Twee verschillende berekeningen
Op deze pagina staan twee grafieken. Beide zijn gebaseerd op dezelfde broedvogelgegevens, maar gebruiken een verschillende methode om de groepsdichtheid te berekenen.
In de binaire analyse telt iedere geselecteerde soort volledig mee. Alle langeafstandstrekkers krijgen daardoor hetzelfde gewicht, ongeacht de mate waarin zij werkelijk afhankelijk zijn van een trek naar tropisch Afrika.
In de gewogen gevoeligheidsanalyse telt primair groepslidmaatschap voor 1,0 en secundair groepslidmaatschap voor 0,5. Soorten waarvan vrijwel de gehele Nederlandse populatie buiten Europa of Noord-Afrika overwintert, wegen daardoor zwaarder mee dan soorten met een minder uitgesproken trekstrategie.
De twee grafieken laten zien in hoeverre de ontwikkeling van de groep robuust is voor de gekozen indeling. Wanneer beide berekeningen een vergelijkbaar verloop vertonen, wijst dat op een consistente ontwikkeling van de langeafstandstrekkers als geheel. Verschillen tussen beide grafieken maken zichtbaar welke invloed soorten met een minder uitgesproken trekstrategie op de gezamenlijke trend hebben.
De grafieken geven geen rechtstreeks beeld van de kwaliteit van het leefgebied in Meijendel. De aantalsontwikkeling wordt mede bepaald door omstandigheden in de overwinteringsgebieden, veranderingen langs de trekroute en ontwikkelingen tijdens het broedseizoen. Juist daarom is vergelijking met andere functionele, ecologische en habitatgroepen waardevol. Wanneer langeafstandstrekkers zich anders ontwikkelen dan standvogels of korteafstandstrekkers, kan dat aanwijzingen geven dat de oorzaken grotendeels buiten Meijendel liggen.
Methodische kanttekening
Rond 1973 werd het geïnventariseerde gebied uitgebreid tot vrijwel geheel Meijendel. Daarnaast werd in 1984 de landelijke BMP-methode van Sovon ingevoerd. Veranderingen rond deze jaren kunnen daarom mede samenhangen met wijzigingen in het onderzoeksgebied en de telmethode.
Daarnaast kunnen de grafieken worden beïnvloed door de sterke groei van de meeuwenkolonies vanaf de jaren zeventig en hun vrijwel volledige verdwijnen na de terugkeer van de vos in de tweede helft van de jaren tachtig. In sommige jaren omvatten deze kolonies meer broedparen dan alle overige broedvogels van Meijendel samen. Wanneer meeuwensoorten tot deze functionele groep behoren, kan dit de gezamenlijke dichtheid beïnvloeden.
De langetermijnontwikkeling blijft echter goed bruikbaar voor ecologische interpretatie, mits beide grafieken gezamenlijk worden beoordeeld en rekening wordt gehouden met de invloed van dominante soorten.
Meer weten?
Via het Dashboard kunnen de onderliggende gegevens verder worden verkend per soort, telgebied en periode. Daardoor is zichtbaar welke soorten de ontwikkeling van deze functionele groep bepalen en hoe de binaire en gewogen analyse zich tot elkaar verhouden. Voor onderzoekers biedt de Shiny-app uitgebreide mogelijkheden om trends statistisch te analyseren en te vergelijken met veranderingen in klimaat, broedhabitat, natuurbeheer en andere factoren die van invloed kunnen zijn op langeafstandstrekkende vogels.