Terug naar soorten

Wespendief

Pernis apivorus Sperwers

Broedvogel
4jaren
4territoria
1hoogste jaar

2005 t/m 2025 · bron: Meijendel-database

Wespendief zittend tussen riet en hoge planten
Foto: Andreas Trepte CC BY-SA 2.5 Bron

Vogelgeluid

VWG Meijendel en openbare bronnen

Vogelgeluid van Wespendief

Opname: Benoît Van Hecke · Wikimedia Commons · CC BY-SA 4.0 · bewerkt door VWG Meijendel

Dichtheid per km2

Territoria per km²
Dichtheid

Dichtheid = territoria per jaar gedeeld door het Meijendel-oppervlak in dat jaar, volgens dezelfde berekening als de dashboardkeuze “Dichtheid per km2”.

Beschrijving

De Wespendief is een grote roofvogel die op een Buizerd lijkt, maar een langere staart, slankere hals en kleinere vooruitstekende kop heeft. Hij graaft vooral nesten van sociale wespen uit.

Voorkomen

De Wespendief is een schaarse broedvogel van grote bosgebieden. In Meijendel werd in 2005 voor het eerst mogelijk regionaal broeden vastgesteld, waarbij twee uitgevlogen jongen werden gezien. Door het grote leefgebied blijft de precieze nestlocatie vaak onzeker.

Achtergrond

Wespendieven arriveren laat uit Afrika en leven tijdens het broedseizoen zeer verborgen. Een paar kan vele vierkante kilometers gebruiken. Gericht volgen van vliegrichtingen en voedseltransport is betrouwbaarder dan losse waarnemingen.

Bescherming

Rust rond mogelijke nestbossen en behoud van oud bos, open plekken en insectenrijke bermen zijn belangrijk. Werkzaamheden vragen vooraf onderzoek; bekende roofvogelnesten zijn jaarrond beschermd.

Bron: Sovon – Wespendief.

Vogelkenmerken

Gespecialiseerde trekvogel afhankelijk van wespenbroed en grote rustige bossen.

Ecologische vogelgroepen: Bosvogels (Havik-groep). Rode Lijst: geen. Oranje Lijst: geen. Vogelrichtlijn: Vogelrichtlijn

Voedsel: Aandeel terrestrische ongewervelden: overwegend (klasseproxy 75%). Aandeel vliegende prooien: niet of nauwelijks (klasseproxy 0%). Aandeel zaden: niet of nauwelijks (klasseproxy 0%).

Foerageren: Aandeel bodem en zeer lage vegetatie: niet of nauwelijks (klasseproxy 0%). Aandeel actieve luchtvangst: niet of nauwelijks (klasseproxy 0%). Foerageersubstraat: lage vegetatie, struiklaag, boom. Foerageermethode: strooiselzoeken.

Nestplaats: Aandeel grondnesten: niet of nauwelijks (klasseproxy 0%). Nesthoogte: circa 5 meter. Aandeel holenbroeden: niet of nauwelijks (klasseproxy 0%). Type nestholte: niet van toepassing. Oorsprong nestholte: niet van toepassing.

Trek: Aandeel langeafstandstrek: vrijwel uitsluitend (klasseproxy 100%). Overwinteringsregio: Afrika bezuiden Sahara. Trekstrategie: lang.

De percentages zijn vaste, brongebaseerde klasseproxies voor de soort in Nederland/NW-Europa; het zijn geen in Meijendel gemeten populatiepercentages.

Bronnen: Nederlands Soortenregister — vogelsoortteksten; Vogelbescherming Nederland — online vogelgids; Vogelbescherming Nederland — online vogelgids; Vogelbescherming Nederland — online vogelgids; Life-history characteristics of European birds; A global database of bird nest traits v2; EltonTraits 1.0