Terug naar soorten

Grote Karekiet

Acrocephalus arundinaceus Rietzangers

Broedvogel Rode lijst Bedreigd
9jaren
11territoria
2hoogste jaar

1976 t/m 2011 · bron: Meijendel-database

Grote Karekiet zingend boven in een rietstengel
Foto: Andreas Trepte CC BY-SA 2.5 Bron

Vogelgeluid

VWG Meijendel en openbare bronnen

Vogelgeluid van Grote Karekiet

Opname: VWG Meijendel · VWG Meijendel · Alle rechten voorbehouden · bewerkt door VWG Meijendel

Dichtheid per km2

Territoria per km²
Dichtheid

Dichtheid = territoria per jaar gedeeld door het Meijendel-oppervlak in dat jaar, volgens dezelfde berekening als de dashboardkeuze “Dichtheid per km2”.

Beschrijving

De Grote Karekiet is de grootste Nederlandse rietzanger. Hij heeft een zware snavel en een zeer luide, krassende zang. Het nest wordt tussen stevige, overjarige rietstengels boven water opgehangen.

Voorkomen

De soort was vroeger veel ruimer verspreid, maar verdween uit grote delen van Nederland. De staat van instandhouding is zeer ongunstig. Ook in Meijendel ging het steeds om afzonderlijke territoria. Na 2011 zijn geen territoria meer geregistreerd.

Achtergrond

Het zware nest kan alleen door stevig waterriet worden gedragen. Ongepaarde mannetjes kunnen langdurig zingen op plaatsen waar het riet uiteindelijk toch niet geschikt blijkt voor een broedpoging.

Bescherming

Herstel vraagt brede zones vitaal overjarig waterriet, een natuurlijker waterpeil, bescherming tegen vraat en voldoende insecten. Rietmaaien en verstoring moeten rond mogelijke territoria worden vermeden.

Bron: Sovon – Grote Karekiet.

Vogelkenmerken

Grote rietspecialist van stevig waterriet met overjarige stengels.

Ecologische vogelgroepen: Rietvogels (Roerdomp-groep, Waterrietvogels). Rode Lijst: RL: Bedreigd. Oranje Lijst: geen. Vogelrichtlijn: Vogelrichtlijn

Voedsel: Aandeel terrestrische ongewervelden: overwegend (klasseproxy 75%). Aandeel vliegende prooien: niet of nauwelijks (klasseproxy 0%). Aandeel zaden: niet of nauwelijks (klasseproxy 0%).

Foerageren: Aandeel bodem en zeer lage vegetatie: beperkt (klasseproxy 25%). Aandeel actieve luchtvangst: niet of nauwelijks (klasseproxy 0%). Foerageersubstraat: bodem, lage vegetatie, struiklaag. Foerageermethode: strooiselzoeken.

Nestplaats: Aandeel grondnesten: niet of nauwelijks (klasseproxy 0%). Nesthoogte: circa 1 meter. Aandeel holenbroeden: niet of nauwelijks (klasseproxy 0%). Type nestholte: niet van toepassing. Oorsprong nestholte: niet van toepassing.

Trek: Aandeel langeafstandstrek: vrijwel uitsluitend (klasseproxy 100%). Overwinteringsregio: Afrika bezuiden Sahara. Trekstrategie: lang.

De percentages zijn vaste, brongebaseerde klasseproxies voor de soort in Nederland/NW-Europa; het zijn geen in Meijendel gemeten populatiepercentages.

Bronnen: Nederlands Soortenregister — vogelsoortteksten; Vogelbescherming Nederland — online vogelgids; Vogelbescherming Nederland — online vogelgids; Vogelbescherming Nederland — online vogelgids; Life-history characteristics of European birds; A global database of bird nest traits v2; EltonTraits 1.0