Vogelgeluid
VWG Meijendel en openbare bronnenVogelgeluid van Kleine Karekiet
Opname: VWG Meijendel · VWG Meijendel · Alle rechten voorbehouden · bewerkt door VWG Meijendel
Dichtheid per km2
Territoria per km²Dichtheid = territoria per jaar gedeeld door het Meijendel-oppervlak in dat jaar, volgens dezelfde berekening als de dashboardkeuze “Dichtheid per km2”.
Beschrijving
De Kleine Karekiet is een onopvallend bruine rietzanger met een vrij vlak voorhoofd en een ritmische, krassende zang. Hij leeft tussen rietstengels en eet insecten, spinnen en andere kleine ongewervelden.
Voorkomen
De soort is een algemene Nederlandse broedvogel van rietkragen en rietvelden. Landelijk is de stand op lange termijn stabiel en recent toegenomen. In Meijendel verscheen hij vanaf de jaren zestig regelmatig, bereikte later een hoog niveau en nam daarna langdurig af.
Achtergrond
Het komvormige nest hangt tussen enkele rietstengels. De Kleine Karekiet is een belangrijke waardvogel van de Koekoek. De lokale afname valt samen met verlies en aantasting van riet, onder meer door begrazing en vraat aan jonge scheuten.
Bescherming
Brede, vitale rietkragen moeten gefaseerd worden gemaaid en tegen sterke vraat en vertrapping worden beschermd. Een stabiel waterpeil en goede waterkwaliteit ondersteunen zowel rietgroei als insectenaanbod.
Bron: Sovon – Kleine Karekiet.
Vogelkenmerken
Algemene rietvogel van uiteenlopende rietkragen.
Ecologische vogelgroepen: Rietvogels (Roerdomp-groep, Waterrietvogels). Rode Lijst: geen. Oranje Lijst: geen. Vogelrichtlijn: geen
Voedsel: Aandeel terrestrische ongewervelden: overwegend (klasseproxy 75%). Aandeel vliegende prooien: niet of nauwelijks (klasseproxy 0%). Aandeel zaden: niet of nauwelijks (klasseproxy 0%).
Foerageren: Aandeel bodem en zeer lage vegetatie: vrijwel uitsluitend (klasseproxy 100%). Aandeel actieve luchtvangst: niet of nauwelijks (klasseproxy 0%). Foerageersubstraat: lage vegetatie. Foerageermethode: overige.
Nestplaats: Aandeel grondnesten: niet of nauwelijks (klasseproxy 0%). Nesthoogte: circa 2 meter. Aandeel holenbroeden: niet of nauwelijks (klasseproxy 0%). Type nestholte: niet van toepassing. Oorsprong nestholte: niet van toepassing.
Trek: Aandeel langeafstandstrek: vrijwel uitsluitend (klasseproxy 100%). Overwinteringsregio: Noord-Afrika/Middellandse Zee, Afrika bezuiden Sahara. Trekstrategie: lang.
De percentages zijn vaste, brongebaseerde klasseproxies voor de soort in Nederland/NW-Europa; het zijn geen in Meijendel gemeten populatiepercentages.
Bronnen: Nederlands Soortenregister — vogelsoortteksten; Vogelbescherming Nederland — online vogelgids; Vogelbescherming Nederland — online vogelgids; Vogelbescherming Nederland — online vogelgids; Life-history characteristics of European birds; Life-history characteristics of European birds; A global database of bird nest traits v2; EltonTraits 1.0