Vogelgeluid
VWG Meijendel en openbare bronnenVogelgeluid van Tureluur
Opname: Joost van Bruggen · Wikimedia Commons · CC BY-SA 4.0 · bewerkt door VWG Meijendel
Dichtheid per km2
Territoria per km²Dichtheid = territoria per jaar gedeeld door het Meijendel-oppervlak in dat jaar, volgens dezelfde berekening als de dashboardkeuze “Dichtheid per km2”.
Beschrijving
De Tureluur heeft een bruine bovenzijde, gestreepte borst en flanken en een zwarte snavel met een rode snavelbasis. In de vlucht vallen de witte vleugelachterrand en witte stuit op. Tijdens de broedtijd zijn de oranjerode poten bijzonder opvallend. De heldere roep ‘tluu-uu-uu’ ligt aan de basis van zijn Nederlandse naam.
Tureluurs broeden vooral in vochtige, open graslanden, kwelders en schorren. Ze hebben een voorkeur voor kruidenrijk, laat gemaaid grasland met een gevarieerde structuur en voldoende natte greppels en slootranden. Het nest wordt in de vegetatie verborgen. Beide ouders broeden en verzorgen de jongen.
Het voedsel bestaat voornamelijk uit insecten, wormen, kreeftachtigen en andere kleine dieren.
Voorkomen
Tureluurs broeden vrijwel uitsluitend in de lage delen van Nederland. Het altijd al schaarse voorkomen op hogere gronden is sinds ongeveer 1975 vrijwel verdwenen. De landelijke broedpopulatie neemt nog steeds af. Buiten de broedtijd verblijven ook vogels uit Noord-Europa en IJsland in Nederland.
In Meijendel is de Tureluur een zeer schaarse en onregelmatige broedvogel. De incidentele territoria vormen geen aanwijzing voor een duurzaam lokaal herstel.
Achtergrond
Het lokale voorkomen past bij de landelijke achteruitgang buiten de kerngebieden in laag Nederland. Geschikt leefgebied vraagt om een combinatie van openheid, vocht, kruidenrijke vegetatie en voldoende rust. Zowel te intensief beheer als volledige verruiging kan het biotoop ongeschikt maken.
Bescherming
De Tureluur staat als gevoelig op de Rode Lijst. De staat van instandhouding is voor de broedpopulatie zeer ongunstig en voor niet-broedvogels matig ongunstig. Belangrijke knelpunten zijn lage waterpeilen, vroege maaidata, kruidenarme graslanden en te sterke verruiging. Extensief en gefaseerd beheer werkt alleen wanneer voldoende openheid behouden blijft.
Bron: Sovon – Tureluur.
Vogelkenmerken
Steltloper van kwelders en nat grasland; broedt verborgen in gras, alarmeert sterk bij jongen en foerageert op ongewervelden.
Ecologische vogelgroepen: Vogels van open heide (Wulp-groep); Weidevogels (Grutto-groep). Rode Lijst: RL: Gevoelig. Oranje Lijst: geen. Vogelrichtlijn: Vogelrichtlijn
Voedsel: Aandeel terrestrische ongewervelden: beperkt (klasseproxy 25%). Aandeel vliegende prooien: niet of nauwelijks (klasseproxy 0%). Aandeel zaden: niet of nauwelijks (klasseproxy 0%).
Foerageren: Aandeel bodem en zeer lage vegetatie: beperkt (klasseproxy 20%). Aandeel actieve luchtvangst: niet of nauwelijks (klasseproxy 0%). Foerageersubstraat: lage vegetatie, water. Foerageermethode: sonderen.
Nestplaats: Aandeel grondnesten: vrijwel uitsluitend (klasseproxy 100%). Nesthoogte: circa 0.05 meter. Aandeel holenbroeden: niet of nauwelijks (klasseproxy 0%). Type nestholte: niet van toepassing. Oorsprong nestholte: niet van toepassing.
Trek: Aandeel langeafstandstrek: beperkt (klasseproxy 25%). Overwinteringsregio: Europa, Afrika bezuiden Sahara. Trekstrategie: gedeeltelijk.
De percentages zijn vaste, brongebaseerde klasseproxies voor de soort in Nederland/NW-Europa; het zijn geen in Meijendel gemeten populatiepercentages.
Bronnen: Nederlands Soortenregister — vogelsoortteksten; Vogelbescherming Nederland — online vogelgids; Vogelbescherming Nederland — online vogelgids; Vogelbescherming Nederland — online vogelgids; Life-history characteristics of European birds; Life-history characteristics of European birds; A global database of bird nest traits v2; EltonTraits 1.0