Vogelgeluid
VWG Meijendel en openbare bronnenVogelgeluid van Slobeend
Opname: David Weisenbeck · iNaturalist · CC BY 4.0 · bewerkt door VWG Meijendel
Dichtheid per km2
Territoria per km²Dichtheid = territoria per jaar gedeeld door het Meijendel-oppervlak in dat jaar, volgens dezelfde berekening als de dashboardkeuze “Dichtheid per km2”.
Beschrijving
De Slobeend heeft een opvallend brede, lepelvormige snavel. Het mannetje heeft een groene kop, witte borst en kastanjebruine flanken; het vrouwtje is bruin gevlekt. Met de snavel zeeft hij klein voedsel uit ondiep water.
Voorkomen
De Nederlandse broedpopulatie nam op lange termijn af, hoewel recent enig herstel zichtbaar is. In de duinen zette de afname vroeg in, mede door verdroging. In Meijendel is de Slobeend na een sterke terugval vrijwel als broedvogel verdwenen.
Achtergrond
Slobeenden broeden laat en onopvallend in vochtige graslanden en moerasranden. Doortrekkers blijven tot ver in het voorjaar aanwezig; groepen zonder binding aan een plek mogen niet als territoria worden beschouwd.
Bescherming
Ondiep, voedselrijk water, nat grasland en rustige dichte oevervegetatie zijn nodig. Herstel van natuurlijke waterstanden en gefaseerd maaien verbeteren zowel nestdekking als voedselbeschikbaarheid.
Bron: Sovon – Slobeend.
Vogelkenmerken
Eend met brede snavel, zeeft voedsel uit ondiep water
Ecologische vogelgroepen: Watervogels (Slobeend-groep); Weidevogels (Zomertaling-groep). Rode Lijst: RL: Kwetsbaar. Oranje Lijst: geen. Vogelrichtlijn: Vogelrichtlijn
Voedsel: Aandeel terrestrische ongewervelden: beperkt (klasseproxy 25%). Aandeel vliegende prooien: niet of nauwelijks (klasseproxy 0%). Aandeel zaden: niet of nauwelijks (klasseproxy 0%).
Foerageren: Aandeel bodem en zeer lage vegetatie: niet of nauwelijks (klasseproxy 0%). Aandeel actieve luchtvangst: niet of nauwelijks (klasseproxy 0%). Foerageersubstraat: lage vegetatie, water. Foerageermethode: overige.
Nestplaats: Aandeel grondnesten: vrijwel uitsluitend (klasseproxy 100%). Nesthoogte: circa 0.05 meter. Aandeel holenbroeden: niet of nauwelijks (klasseproxy 0%). Type nestholte: niet van toepassing. Oorsprong nestholte: niet van toepassing.
Trek: Aandeel langeafstandstrek: beperkt (klasseproxy 25%). Overwinteringsregio: Europa, Noord-Afrika/Middellandse Zee, Afrika bezuiden Sahara. Trekstrategie: gedeeltelijk.
De percentages zijn vaste, brongebaseerde klasseproxies voor de soort in Nederland/NW-Europa; het zijn geen in Meijendel gemeten populatiepercentages.
Bronnen: Nederlands Soortenregister — vogelsoortteksten; Vogelbescherming Nederland — online vogelgids; Vogelbescherming Nederland — online vogelgids; Vogelbescherming Nederland — online vogelgids; Life-history characteristics of European birds; Life-history characteristics of European birds; A global database of bird nest traits v2; EltonTraits 1.0