Vogelgeluid
VWG Meijendel en openbare bronnenVogelgeluid van Grauwe Klauwier
Opname: Marie-Lan Taÿ Pamart · Wikimedia Commons · CC BY-SA 4.0 · bewerkt door VWG Meijendel
Dichtheid per km2
Territoria per km²Dichtheid = territoria per jaar gedeeld door het Meijendel-oppervlak in dat jaar, volgens dezelfde berekening als de dashboardkeuze “Dichtheid per km2”.
Beschrijving
De Grauwe Klauwier is een zangvogel met het gedrag van een kleine roofvogel. Vanaf een struik of paal jaagt hij op grote insecten, hagedissen, kikkers en kleine zoogdieren. Prooien worden soms op doorns of prikkeldraad vastgezet.
Voorkomen
Na een zware twintigste-eeuwse afname herstelt de Nederlandse populatie. Structuurrijke natuurgebieden en gunstig beheer spelen daarbij een belangrijke rol. In Meijendel was de soort vroeger een regelmatige schaarse broedvogel, verdween daarna vrijwel geheel en is recent opnieuw met enkele territoria teruggekeerd.
Achtergrond
In het verleden zijn ook in Meijendel karakteristieke prooivoorraden op doorns gevonden. De recente terugkeer sluit aan bij het bredere herstel in de Nederlandse duinstrook, maar blijft lokaal nog kwetsbaar.
Bescherming
Nodig zijn doornstruiken, open jachtterrein, veel grote insecten en rustige nestplaatsen. Maaien, begrazing en struweelbeheer moeten een kleinschalig mozaïek behouden.
Bron: Sovon – Grauwe Klauwier.
Vogelkenmerken
Struweelroofvogel, spietst insecten en kleine prooien op doorns.
Ecologische vogelgroepen: Struweelvogels (Grasmus-groep, Roodborsttapuit-groep). Rode Lijst: RL: Bedreigd. Oranje Lijst: geen. Vogelrichtlijn: Vogelrichtlijn
Voedsel: Aandeel terrestrische ongewervelden: beperkt (klasseproxy 25%). Aandeel vliegende prooien: beperkt (klasseproxy 25%). Aandeel zaden: niet of nauwelijks (klasseproxy 0%).
Foerageren: Aandeel bodem en zeer lage vegetatie: overwegend (klasseproxy 75%). Aandeel actieve luchtvangst: beperkt (klasseproxy 25%). Foerageersubstraat: bodem, struiklaag, water, lucht. Foerageermethode: grondpikken, uitvaljacht.
Nestplaats: Aandeel grondnesten: niet of nauwelijks (klasseproxy 0%). Nesthoogte: circa 1 meter. Aandeel holenbroeden: niet of nauwelijks (klasseproxy 0%). Type nestholte: niet van toepassing. Oorsprong nestholte: niet van toepassing.
Trek: Aandeel langeafstandstrek: vrijwel uitsluitend (klasseproxy 100%). Overwinteringsregio: Noord-Afrika/Middellandse Zee, Afrika bezuiden Sahara. Trekstrategie: lang.
De percentages zijn vaste, brongebaseerde klasseproxies voor de soort in Nederland/NW-Europa; het zijn geen in Meijendel gemeten populatiepercentages.
Bronnen: Nederlands Soortenregister — vogelsoortteksten; Vogelbescherming Nederland — online vogelgids; Vogelbescherming Nederland — online vogelgids; Vogelbescherming Nederland — online vogelgids; Life-history characteristics of European birds; Life-history characteristics of European birds; A global database of bird nest traits v2; EltonTraits 1.0