Terug naar soorten

Grauwe Vliegenvanger

Muscicapa striata Vliegenvangers

Broedvogel Rode lijst Gevoelig
48jaren
232territoria
16hoogste jaar

1963 t/m 2025 · bron: Meijendel-database

Grauwe Vliegenvanger met een insect op een prikkeldraad
Foto: Alun Williams333 CC BY-SA 4.0 Bron

Vogelgeluid

VWG Meijendel en openbare bronnen

Vogelgeluid van Grauwe Vliegenvanger

Opname: Alexander Kürthy · Wikimedia Commons · CC BY-SA 4.0 · bewerkt door VWG Meijendel

Dichtheid per km2

Territoria per km²
Dichtheid

Dichtheid = territoria per jaar gedeeld door het Meijendel-oppervlak in dat jaar, volgens dezelfde berekening als de dashboardkeuze “Dichtheid per km2”.

Beschrijving

De Grauwe Vliegenvanger is een onopvallende grijsbruine zomervogel. Vanaf een vrije zitplaats maakt hij korte vangvluchten naar vliegende insecten en keert daarna vaak naar dezelfde plek terug. De zang is zacht en gemakkelijk te missen.

Voorkomen

De soort broedt in open oud loofbos, bosranden, parken, erven en oude tuinen. Landelijk nam hij langdurig af, al is recent enig herstel zichtbaar. In Meijendel bleef de soort schaars en wisselvallig, maar in de laatste periode werden duidelijk vaker territoria vastgesteld.

Achtergrond

Omdat gepaarde vogels weinig zingen, kan de soort bij gewone inventarisaties gemakkelijk worden gemist. Zittende jagende vogels en voedseltransport zijn vaak betere aanwijzingen dan zang.

Bescherming

Oude bomen, open bosranden, insectenrijke graslanden en halfopen nestplaatsen moeten behouden blijven. Gebruik van insecticiden en het volledig opruimen van oude bomen en klimop is ongunstig.

Bron: Sovon – Grauwe Vliegenvanger.

Vogelkenmerken

Voedsel vooral Grotere insecten als dominante prooigroep en nachtvlinders.

Ecologische vogelgroepen: Bosvogels (Holenbroeders, Kleine Bonte Specht-groep, Loofboomvogels, Vogels van oud bos). Rode Lijst: RL: Gevoelig. Oranje Lijst: geen. Vogelrichtlijn: geen

Voedsel: Aandeel terrestrische ongewervelden: overwegend (klasseproxy 75%). Aandeel vliegende prooien: overwegend (klasseproxy 75%). Aandeel zaden: niet of nauwelijks (klasseproxy 0%).

Foerageren: Aandeel bodem en zeer lage vegetatie: vrijwel uitsluitend (klasseproxy 100%). Aandeel actieve luchtvangst: overwegend (klasseproxy 75%). Foerageersubstraat: lucht. Foerageermethode: uitvaljacht.

Nestplaats: Aandeel grondnesten: niet of nauwelijks (klasseproxy 0%). Nesthoogte: circa 1 meter. Aandeel holenbroeden: vrijwel uitsluitend (klasseproxy 100%). Type nestholte: nestkast. Oorsprong nestholte: kunstmatig, bestaand, niet nader gespecificeerd.

Trek: Aandeel langeafstandstrek: vrijwel uitsluitend (klasseproxy 100%). Overwinteringsregio: Noord-Afrika/Middellandse Zee, Afrika bezuiden Sahara. Trekstrategie: lang.

De percentages zijn vaste, brongebaseerde klasseproxies voor de soort in Nederland/NW-Europa; het zijn geen in Meijendel gemeten populatiepercentages.

Bronnen: Nederlands Soortenregister — vogelsoortteksten; Vogelbescherming Nederland — online vogelgids; Vogelbescherming Nederland — online vogelgids; Vogelbescherming Nederland — online vogelgids; Life-history characteristics of European birds; Life-history characteristics of European birds; A global database of bird nest traits v2; A global database of bird nest traits v2; EltonTraits 1.0