Terug naar soorten

Putter

Carduelis carduelis Vinken

Broedvogel
39jaren
310territoria
42hoogste jaar

1973 t/m 2025 · bron: Meijendel-database

Putter zittend tussen hangende elzenproppen
Foto: Pierre Dalous CC BY-SA 3.0 Bron

Vogelgeluid

VWG Meijendel en openbare bronnen

Vogelgeluid van Putter

Opname: Onbekende maker; zie bronpagina · Wikimedia Commons · CC BY-SA 4.0 · bewerkt door VWG Meijendel

Dichtheid per km2

Territoria per km²
Dichtheid

Dichtheid = territoria per jaar gedeeld door het Meijendel-oppervlak in dat jaar, volgens dezelfde berekening als de dashboardkeuze “Dichtheid per km2”.

Beschrijving

De Putter is een kleurrijke vink met een rood gezicht, zwart-witte kop en brede gele vleugelstreep. De fijne, spitse snavel is geschikt om zaden uit distels, kaardenbollen en andere kruiden te halen.

Voorkomen

De Nederlandse broedpopulatie neemt al lange tijd toe en breidde zich over vrijwel het hele land uit. In Meijendel was de Putter lang een incidentele broedvogel, maar vanaf het vorige decennium werd hij jaarlijks en steeds ruimer vastgesteld.

Achtergrond

Putters broeden in bomen en hoge struiken, maar zoeken veel voedsel in open kruidenrijke vegetatie. Buiten de broedtijd trekken ze vaak in beweeglijke groepen rond op plekken met veel zaad.

Bescherming

Laat distels, kaardenbollen en andere zaaddragende planten gefaseerd staan en behoud verspreide nestbomen. Bestrijdingsmiddelen en volledig kort maaibeheer verminderen het voedsel gedurende een groot deel van het jaar.

Bron: Sovon – Putter.

Vogelkenmerken

Distelspecialist met brede nestplaatskeuze.

Ecologische vogelgroepen: Bosrandvogels (Bosrandstruweelvogels, Putter-groep). Rode Lijst: geen. Oranje Lijst: geen. Vogelrichtlijn: geen

Voedsel: Aandeel terrestrische ongewervelden: beperkt (klasseproxy 25%). Aandeel vliegende prooien: niet of nauwelijks (klasseproxy 0%). Aandeel zaden: overwegend (klasseproxy 75%).

Foerageren: Aandeel bodem en zeer lage vegetatie: overwegend (klasseproxy 80%). Aandeel actieve luchtvangst: niet of nauwelijks (klasseproxy 0%). Foerageersubstraat: lage vegetatie, boom. Foerageermethode: overige.

Nestplaats: Aandeel grondnesten: niet of nauwelijks (klasseproxy 0%). Nesthoogte: circa 1 meter. Aandeel holenbroeden: niet of nauwelijks (klasseproxy 0%). Type nestholte: niet van toepassing. Oorsprong nestholte: niet van toepassing.

Trek: Aandeel langeafstandstrek: niet of nauwelijks (klasseproxy 0%). Overwinteringsregio: Europa. Trekstrategie: gedeeltelijk.

De percentages zijn vaste, brongebaseerde klasseproxies voor de soort in Nederland/NW-Europa; het zijn geen in Meijendel gemeten populatiepercentages.

Bronnen: Nederlands Soortenregister — vogelsoortteksten; Vogelbescherming Nederland — online vogelgids; Vogelbescherming Nederland — online vogelgids; Vogelbescherming Nederland — online vogelgids; Life-history characteristics of European birds; Life-history characteristics of European birds; A global database of bird nest traits v2; EltonTraits 1.0