Vogelgeluid
VWG Meijendel en openbare bronnenVogelgeluid van Matkop
Opname: VWG Meijendel · VWG Meijendel · Alle rechten voorbehouden · bewerkt door VWG Meijendel
Dichtheid per km2
Territoria per km²Dichtheid = territoria per jaar gedeeld door het Meijendel-oppervlak in dat jaar, volgens dezelfde berekening als de dashboardkeuze “Dichtheid per km2”.
Beschrijving
De Matkop is een kleine mees met een matte zwarte kruin, grote keelvlek en lichte vleugelbaan. Hij lijkt sterk op de Glanskop; roep en zang zijn voor een betrouwbare herkenning meestal belangrijker dan uiterlijk alleen.
Voorkomen
De Matkop neemt in Nederland al lange tijd af. In Meijendel concludeerde een gespecialiseerde beoordelingscommissie dat na 1999 geen betrouwbare broedgevallen meer waren vastgesteld. Latere registraties zijn daarom verwijderd en de soort geldt niet meer als lokale broedvogel.
Achtergrond
Matkoppen hakken zelf een nestholte uit in zacht, vaak vochtig vermolmd hout. Verdroging en het verdwijnen van jonge, natte bossen met veel dood hout maken leefgebieden minder geschikt. Verwarring met Glanskop kan een schijnbaar voorkomen veroorzaken.
Bescherming
Vochtige bosranden, wilgen- en berkenbroek en zacht staand dood hout verdienen bescherming. Een mogelijke terugkeer moet met zang, roep en bij voorkeur foto of geluidsopname worden gedocumenteerd.
Bron: Sovon – Matkop.
Vogelkenmerken
Kleine mees van vochtige bossen, hakt zelf zachte nestholten uit.
Ecologische vogelgroepen: Struweelvogels (Winterkoning-groep, Zwartkop-groep). Rode Lijst: RL: Gevoelig. Oranje Lijst: geen. Vogelrichtlijn: geen
Voedsel: Aandeel terrestrische ongewervelden: beperkt (klasseproxy 25%). Aandeel vliegende prooien: niet of nauwelijks (klasseproxy 0%). Aandeel zaden: beperkt (klasseproxy 25%).
Foerageren: Aandeel bodem en zeer lage vegetatie: beperkt (klasseproxy 20%). Aandeel actieve luchtvangst: niet of nauwelijks (klasseproxy 0%). Foerageersubstraat: boom. Foerageermethode: overige.
Nestplaats: Aandeel grondnesten: niet of nauwelijks (klasseproxy 0%). Nesthoogte: circa 4 meter. Aandeel holenbroeden: vrijwel uitsluitend (klasseproxy 100%). Type nestholte: boomholte. Oorsprong nestholte: bestaand, niet nader gespecificeerd.
Trek: Aandeel langeafstandstrek: niet of nauwelijks (klasseproxy 0%). Overwinteringsregio: Europa. Trekstrategie: stand.
De percentages zijn vaste, brongebaseerde klasseproxies voor de soort in Nederland/NW-Europa; het zijn geen in Meijendel gemeten populatiepercentages.
Bronnen: Nederlands Soortenregister — vogelsoortteksten; Vogelbescherming Nederland — online vogelgids; Vogelbescherming Nederland — online vogelgids; Vogelbescherming Nederland — online vogelgids; Life-history characteristics of European birds; Life-history characteristics of European birds; A global database of bird nest traits v2; A global database of bird nest traits v2; EltonTraits 1.0