Terug naar soorten

Beflijster

Turdus torquatus Lijsters

Broedvogel
2jaren
2territoria
1hoogste jaar

1988 t/m 1991 · bron: Meijendel-database

Mannetje Beflijster staand tussen gras en heide
Foto: MPF CC BY-SA 3.0 Bron

Vogelgeluid

VWG Meijendel en openbare bronnen

Vogelgeluid van Beflijster

Opname: Anthony Wetherhill · Wikimedia Commons · CC BY-SA 4.0 · bewerkt door VWG Meijendel

Dichtheid per km2

Territoria per km²
Dichtheid

Dichtheid = territoria per jaar gedeeld door het Meijendel-oppervlak in dat jaar, volgens dezelfde berekening als de dashboardkeuze “Dichtheid per km2”.

Beschrijving

De Beflijster lijkt op een Merel, maar heeft een witte halvemaanvormige borstband en lichte randen aan de vleugelveren. Het vrouwtje is bruiner en de bef is minder helder. Op de grond zoekt hij naar kevers, spinnen, wormen en andere ongewervelden.

Voorkomen

Beflijsters broeden in bergachtige en rotsige gebieden in Noord- en Midden-Europa. Nederland wordt vooral tijdens de voor- en najaarstrek bezocht. Schrale graslanden, heide en open duin zijn belangrijke pleisterplaatsen. Een zeker Nederlands broedgeval is niet vastgesteld. Ook de enkele Meijendelse territoria betroffen waarschijnlijk late doortrekkers.

Achtergrond

Zingende vogels die laat in het voorjaar aanwezig zijn, kunnen volgens de inventarisatieregels als territorium worden geregistreerd zonder dat daadwerkelijk wordt gebroed. Juist bij deze soort vraagt de interpretatie daarom voorzichtigheid.

Bescherming

Rustige, insectenrijke graslanden en open duinvegetaties zijn belangrijk voor doortrekkende vogels. Tijdelijke aanwezigheid mag niet automatisch als broedgeval worden beschreven.

Bron: Sovon – Beflijster.

Vogelkenmerken

Ecologische vogelgroepen: geen. Rode Lijst: geen. Oranje Lijst: geen. Vogelrichtlijn: geen

Voedsel: Aandeel terrestrische ongewervelden: beperkt (klasseproxy 25%). Aandeel vliegende prooien: niet of nauwelijks (klasseproxy 0%). Aandeel zaden: beperkt (klasseproxy 25%).

Foerageren: Aandeel bodem en zeer lage vegetatie: beperkt (klasseproxy 25%). Aandeel actieve luchtvangst: niet of nauwelijks (klasseproxy 0%). Foerageersubstraat: bodem, lage vegetatie, struiklaag, boom. Foerageermethode: strooiselzoeken.

Nestplaats: Aandeel grondnesten: niet of nauwelijks (klasseproxy 0%). Nesthoogte: circa 5 meter. Aandeel holenbroeden: niet of nauwelijks (klasseproxy 0%). Type nestholte: niet van toepassing. Oorsprong nestholte: niet van toepassing.

Trek: Aandeel langeafstandstrek: niet of nauwelijks (klasseproxy 0%). Overwinteringsregio: Europa. Trekstrategie: gedeeltelijk.

De percentages zijn vaste, brongebaseerde klasseproxies voor de soort in Nederland/NW-Europa; het zijn geen in Meijendel gemeten populatiepercentages.

Bronnen: Nederlands Soortenregister — vogelsoortteksten; Vogelbescherming Nederland — online vogelgids; Vogelbescherming Nederland — online vogelgids; Vogelbescherming Nederland — online vogelgids; Life-history characteristics of European birds; A global database of bird nest traits v2; EltonTraits 1.0