Vogelgeluid
VWG Meijendel en openbare bronnenVogelgeluid van Turkse Tortel
Opname: Warper up · Wikimedia Commons · CC BY-SA 3.0 · bewerkt door VWG Meijendel
Dichtheid per km2
Territoria per km²Dichtheid = territoria per jaar gedeeld door het Meijendel-oppervlak in dat jaar, volgens dezelfde berekening als de dashboardkeuze “Dichtheid per km2”.
Beschrijving
Die snelle uitbreiding is enerzijds te danken aan een hoog voortplantingstempo: de Turkse tortel broedt tot wel 5x van eind februari tot in november! Anderzijds stelt deze duif niet al te hoge eisen aan zijn biotoop en voedsel. Dankzij deze flexibele opstelling is de Turkse tortel meestal te vinden in stadsparken en -tuinen en ook rond boerenerven, zolang er maar voldoende coniferen zijn of bomen met een dicht bladerdak om het schamele nest in te bouwen. Een legsel bevat meestal 2 eieren. Beide ouders broeden en brengen de jongen groot.
Ook qua voedsel stelt de Turkse tortel geen hoge eisen, maar hij heeft als zaadeter een voorkeur voor graan en onkruidzaden. Het is een echte cultuurvolger die graag gebruik maakt van wat de mens biedt en diens aanwezigheid niet schuwt.
Voorkomen
De verspreiding is gebonden aan menselijke bebouwing, met de hoogste dichtheden in groene stadswijken en dorpen. De Turkse Tortel was in stedelijk gebied lange tijd veel talrijker dan de Houtduif, maar tegenwoordig is het veelal omgekeerd. Buiten steden en dorpen zijn Turkse Tortels schaars en broeden ze bijna alleen bij boerderijen of woonhuizen.
Vogelkenmerken
Lichtgekleurde duif, algemeen in dorpen, steden en tuinen.
Ecologische vogelgroepen: Zwarte Roodstaart-groep. Rode Lijst: geen. Oranje Lijst: geen. Vogelrichtlijn: geen
Voedsel: Aandeel terrestrische ongewervelden: beperkt (klasseproxy 25%). Aandeel vliegende prooien: niet of nauwelijks (klasseproxy 0%). Aandeel zaden: overwegend (klasseproxy 75%).
Foerageren: Aandeel bodem en zeer lage vegetatie: vrijwel uitsluitend (klasseproxy 90%). Aandeel actieve luchtvangst: niet of nauwelijks (klasseproxy 0%). Foerageersubstraat: bodem, lage vegetatie, boom. Foerageermethode: overige.
Nestplaats: Aandeel grondnesten: niet of nauwelijks (klasseproxy 0%). Nesthoogte: circa 1 meter. Aandeel holenbroeden: niet of nauwelijks (klasseproxy 0%). Type nestholte: niet van toepassing. Oorsprong nestholte: niet van toepassing.
Trek: Aandeel langeafstandstrek: niet of nauwelijks (klasseproxy 0%). Overwinteringsregio: Europa. Trekstrategie: stand.
De percentages zijn vaste, brongebaseerde klasseproxies voor de soort in Nederland/NW-Europa; het zijn geen in Meijendel gemeten populatiepercentages.
Bronnen: Nederlands Soortenregister — vogelsoortteksten; Vogelbescherming Nederland — online vogelgids; Vogelbescherming Nederland — online vogelgids; Vogelbescherming Nederland — online vogelgids; Life-history characteristics of European birds; Life-history characteristics of European birds; A global database of bird nest traits v2; EltonTraits 1.0