Terug naar soorten

Waterhoen

Gallinula chloropus Rallen

Broedvogel Rode lijst Gevoelig
68jaren
1955territoria
67hoogste jaar

1958 t/m 2025 · bron: Meijendel-database

Waterhoen staand op een rots aan het water
Foto: Alexis Lours CC BY 4.0 Bron

Vogelgeluid

VWG Meijendel en openbare bronnen

Vogelgeluid van Waterhoen

Opname: Joost van Bruggen · Wikimedia Commons · CC BY-SA 4.0 · bewerkt door VWG Meijendel

Dichtheid per km2

Territoria per km²
Dichtheid

Dichtheid = territoria per jaar gedeeld door het Meijendel-oppervlak in dat jaar, volgens dezelfde berekening als de dashboardkeuze “Dichtheid per km2”.

Beschrijving

Het Waterhoen is een donkere ral met een rode snavel, gele snavelpunt en witte flankstreep. Het beweegt tussen dichte oeverplanten en eet zowel plantendelen als kleine waterdieren.

Voorkomen

De Nederlandse broedpopulatie nam langdurig af en is gevoelig voor strenge winters. Ook in Meijendel daalden de aantallen vanaf de jaren negentig; later vlakte die afname op een lager niveau af.

Achtergrond

Waterhoentjes zijn veel heimelijker dan Meerkoeten. Ze bouwen hun nest laag boven water in dichte vegetatie en kunnen meerdere broedsels hebben, waarbij oudere jongen soms helpen met het volgende broedsel.

Bescherming

Dichte, gevarieerde oevers, ondiep water en voldoende dekking zijn belangrijk. Maai oevers gefaseerd en voorkom abrupte peilveranderingen en verstoring tijdens het lange broedseizoen.

Bron: Sovon – Waterhoen.

Vogelkenmerken

Algemene randmoeras- en oevervegetatiesoort; omnivoor met drijvende of oevernesten.

Ecologische vogelgroepen: Watervogels; Rietvogels (Porseleinhoen-groep, Waterrietvogels). Rode Lijst: geen. Oranje Lijst: Oranje Lijst. Vogelrichtlijn: geen

Voedsel: Aandeel terrestrische ongewervelden: beperkt (klasseproxy 25%). Aandeel vliegende prooien: niet of nauwelijks (klasseproxy 0%). Aandeel zaden: beperkt (klasseproxy 25%).

Foerageren: Aandeel bodem en zeer lage vegetatie: overwegend (klasseproxy 80%). Aandeel actieve luchtvangst: niet of nauwelijks (klasseproxy 0%). Foerageersubstraat: lage vegetatie, water. Foerageermethode: overige.

Nestplaats: Aandeel grondnesten: vrijwel uitsluitend (klasseproxy 100%). Nesthoogte: circa 0.05 meter. Aandeel holenbroeden: niet of nauwelijks (klasseproxy 0%). Type nestholte: niet van toepassing. Oorsprong nestholte: niet van toepassing.

Trek: Aandeel langeafstandstrek: niet of nauwelijks (klasseproxy 0%). Overwinteringsregio: Europa. Trekstrategie: stand.

De percentages zijn vaste, brongebaseerde klasseproxies voor de soort in Nederland/NW-Europa; het zijn geen in Meijendel gemeten populatiepercentages.

Bronnen: Nederlands Soortenregister — vogelsoortteksten; Vogelbescherming Nederland — online vogelgids; Vogelbescherming Nederland — online vogelgids; Vogelbescherming Nederland — online vogelgids; Life-history characteristics of European birds; Life-history characteristics of European birds; A global database of bird nest traits v2; EltonTraits 1.0