Terug naar soorten

Grote Canadese Gans

Branta canadensis Ganzen

Broedvogel
27jaren
426territoria
31hoogste jaar

1999 t/m 2025 · bron: Meijendel-database

Grote Canadese Gans staand op een rots onder blauwe lucht
Foto: JackyM59 CC BY-SA 4.0 Bron

Vogelgeluid

VWG Meijendel en openbare bronnen

Vogelgeluid van Grote Canadese Gans

Opname: Onbekende maker; zie bronpagina · Wikimedia Commons · CC BY-SA 4.0 · bewerkt door VWG Meijendel

Dichtheid per km2

Territoria per km²
Dichtheid

Dichtheid = territoria per jaar gedeeld door het Meijendel-oppervlak in dat jaar, volgens dezelfde berekening als de dashboardkeuze “Dichtheid per km2”.

Beschrijving

De Grote Canadese Gans is een forse gans met een zwarte hals en kop en een witte kinband. De vrij levende Nederlandse populatie stamt af van ingevoerde en ontsnapte vogels. Door ondersoorten, mengparen en hybriden kunnen sommige vogels afwijkende kenmerken vertonen.

Voorkomen

De soort breidde zich in Nederland sterk uit en de landelijke broedpopulatie neemt nog toe. In Meijendel werden in 1999 de eerste broedgevallen vastgesteld. Na een aanvankelijke groei stabiliseerde de lokale stand; het broedsucces bleef er betrekkelijk laag.

Achtergrond

Grote Canadese Ganzen blijven vaak het hele jaar in dezelfde regio. Ze broeden aan plassen en andere waterrijke plaatsen en verdedigen in het voorjaar de directe omgeving van het nest.

Bescherming

De soort geldt als invasieve exoot. Voeren en uitzetten zijn ongewenst. Eventueel beheer moet zorgvuldig onderscheid maken tussen Grote Canadese Gans, andere ganzen en hybriden en rekening houden met dierenwelzijn.

Bron: Sovon – Grote Canadese Gans.

Vogelkenmerken

Exotische grasetende ganzensoort van moeras- en graslandsystemen.

Ecologische vogelgroepen: geen. Rode Lijst: geen. Oranje Lijst: geen. Vogelrichtlijn: geen

Voedsel: Aandeel terrestrische ongewervelden: niet of nauwelijks (klasseproxy 0%). Aandeel vliegende prooien: niet of nauwelijks (klasseproxy 0%). Aandeel zaden: beperkt (klasseproxy 25%).

Foerageren: Aandeel bodem en zeer lage vegetatie: substantieel (klasseproxy 50%). Aandeel actieve luchtvangst: niet of nauwelijks (klasseproxy 0%). Foerageersubstraat: bodem, water. Foerageermethode: grondpikken.

Nestplaats: Aandeel grondnesten: vrijwel uitsluitend (klasseproxy 100%). Nesthoogte: circa 0.1 meter. Aandeel holenbroeden: niet of nauwelijks (klasseproxy 0%). Type nestholte: niet van toepassing. Oorsprong nestholte: niet van toepassing.

Trek: Aandeel langeafstandstrek: niet of nauwelijks (klasseproxy 0%). Overwinteringsregio: Europa. Trekstrategie: gedeeltelijk.

De percentages zijn vaste, brongebaseerde klasseproxies voor de soort in Nederland/NW-Europa; het zijn geen in Meijendel gemeten populatiepercentages.

Bronnen: Nederlands Soortenregister — vogelsoortteksten; Vogelbescherming Nederland — online vogelgids; Vogelbescherming Nederland — online vogelgids; Vogelbescherming Nederland — online vogelgids; Life-history characteristics of European birds; A global database of bird nest traits v2; EltonTraits 1.0