Vogelgeluid
VWG Meijendel en openbare bronnenVogelgeluid van Zwarte Specht
Opname: VWG Meijendel · VWG Meijendel · Alle rechten voorbehouden · bewerkt door VWG Meijendel
Dichtheid per km2
Territoria per km²Dichtheid = territoria per jaar gedeeld door het Meijendel-oppervlak in dat jaar, volgens dezelfde berekening als de dashboardkeuze “Dichtheid per km2”.
Beschrijving
De Zwarte Specht is bijna kraaigroot en geheel zwart, met rood op de kruin. Hij hakt grote nestholten in dikke, meestal gladstammige bomen en zoekt vooral mieren en houtbewonende insecten.
Voorkomen
In Meijendel werd het eerste territorium in 1982 vastgesteld. Na een korte piek aan het einde van dat decennium verdween de soort na 1995; een rondzwervend mannetje in 2004 leidde niet tot hervestiging. De laatste jaren zwerft een solitair vrouwtje rond. De lokale geschiedenis weerspiegelt veranderingen in bosstructuur en voedsel, niet een huidige broedpopulatie.
Achtergrond
De grote holen blijven na gebruik waardevol voor andere vogels, zoogdieren en insecten. Een Zwarte Specht gebruikt een groot leefgebied, zodat losse waarnemingen of haksporen niet direct op een lokaal nest wijzen.
Bescherming
Behoud oude dikke bomen, dood hout en grote rustige boscomplexen met rijke mierenfauna. Bestaande holen zijn jaarrond beschermd en moeten bij boswerk ruim worden ontzien.
Bron: Sovon – Zwarte Specht.
Vogelkenmerken
Voedsel vooral insectenlarven en mieren.
Ecologische vogelgroepen: Bosvogels (Grote Bonte Specht-groep, Holenbroeders, Vogels van oud bos). Rode Lijst: geen. Oranje Lijst: geen. Vogelrichtlijn: Vogelrichtlijn
Voedsel: Aandeel terrestrische ongewervelden: vrijwel uitsluitend (klasseproxy 100%). Aandeel vliegende prooien: niet of nauwelijks (klasseproxy 0%). Aandeel zaden: niet of nauwelijks (klasseproxy 0%).
Foerageren: Aandeel bodem en zeer lage vegetatie: substantieel (klasseproxy 50%). Aandeel actieve luchtvangst: niet of nauwelijks (klasseproxy 0%). Foerageersubstraat: bodem, lage vegetatie, struiklaag, boom. Foerageermethode: grondpikken.
Nestplaats: Aandeel grondnesten: niet of nauwelijks (klasseproxy 0%). Nesthoogte: circa 4 meter. Aandeel holenbroeden: vrijwel uitsluitend (klasseproxy 100%). Type nestholte: boomholte. Oorsprong nestholte: zelf uitgehakt.
Trek: Aandeel langeafstandstrek: niet of nauwelijks (klasseproxy 0%). Overwinteringsregio: Europa. Trekstrategie: stand.
De percentages zijn vaste, brongebaseerde klasseproxies voor de soort in Nederland/NW-Europa; het zijn geen in Meijendel gemeten populatiepercentages.
Bronnen: Nederlands Soortenregister — vogelsoortteksten; Vogelbescherming Nederland — online vogelgids; Vogelbescherming Nederland — online vogelgids; Vogelbescherming Nederland — online vogelgids; Life-history characteristics of European birds; A global database of bird nest traits v2; EltonTraits 1.0