Terug naar soorten

Boomleeuwerik

Lullula arborea Leeuweriken

Broedvogel
61jaren
2956territoria
197hoogste jaar

1961 t/m 2025 · bron: Meijendel-database

Boomleeuwerik staand op kale aarde
Foto: Ján Svetlík CC BY-SA 2.0 Bron

Vogelgeluid

VWG Meijendel en openbare bronnen

Zang van Boomleeuwerik

Opname: Michiel Graafstal · Aangeboden aan VWG Meijendel · Alle rechten voorbehouden

Dichtheid per km2

Territoria per km²
Dichtheid

Dichtheid = territoria per jaar gedeeld door het Meijendel-oppervlak in dat jaar, volgens dezelfde berekening als de dashboardkeuze “Dichtheid per km2”.

Beschrijving

De Boomleeuwerik is kleiner en kortstaartiger dan de Veldleeuwerik. De lichte wenkbrauwstrepen komen achter op de kop samen. Zijn melodieuze zang klinkt vanaf een boomtop of tijdens een rondgaande zangvlucht boven het territorium.

Voorkomen

Hij broedt op droge zandgrond met lage vegetatie, kale plekken en verspreide bomen of struiken. Zowel landelijk als in Meijendel is de soort sterk toegenomen. Na een dieptepunt aan het einde van de twintigste eeuw volgde in Meijendel een spectaculair herstel en uitbreiding over nieuwe delen van het duin.

Achtergrond

De Boomleeuwerik profiteert van open duin, maar verlangt geen volledig kaal landschap. Verspreide bomen en struiken dienen als zangpost, uitkijkpunt en dekking. Daarmee is hij kenmerkend voor de overgang tussen open zand, lage vegetatie en struweel.

Bescherming

Beheer moet een mozaïek behouden van kale grond, korte vegetatie en verspreide opslag. Zowel volledige verbossing als grootschalig kaalmaken is ongunstig. Grondnesten moeten tegen betreding worden beschermd.

Bron: Sovon – Boomleeuwerik.

Vogelkenmerken

Heide- en zandvogel, bekend om melodieuze cirkelende zangvlucht.

Ecologische vogelgroepen: Vogels van pionierbegroeiingen (Tapuit-groep); Bosrandvogels (Bosrandstruweelvogels, Geelgors-groep). Rode Lijst: geen. Oranje Lijst: geen. Vogelrichtlijn: Vogelrichtlijn

Voedsel: Aandeel terrestrische ongewervelden: overwegend (klasseproxy 75%). Aandeel vliegende prooien: niet of nauwelijks (klasseproxy 0%). Aandeel zaden: niet of nauwelijks (klasseproxy 0%).

Foerageren: Aandeel bodem en zeer lage vegetatie: overwegend (klasseproxy 75%). Aandeel actieve luchtvangst: niet of nauwelijks (klasseproxy 0%). Foerageersubstraat: bodem, lage vegetatie, boom. Foerageermethode: grondpikken.

Nestplaats: Aandeel grondnesten: vrijwel uitsluitend (klasseproxy 100%). Nesthoogte: circa 0.05 meter. Aandeel holenbroeden: niet of nauwelijks (klasseproxy 0%). Type nestholte: niet van toepassing. Oorsprong nestholte: niet van toepassing.

Trek: Aandeel langeafstandstrek: niet of nauwelijks (klasseproxy 0%). Overwinteringsregio: Europa. Trekstrategie: kort/middel.

De percentages zijn vaste, brongebaseerde klasseproxies voor de soort in Nederland/NW-Europa; het zijn geen in Meijendel gemeten populatiepercentages.

Bronnen: Nederlands Soortenregister — vogelsoortteksten; Vogelbescherming Nederland — online vogelgids; Vogelbescherming Nederland — online vogelgids; Vogelbescherming Nederland — online vogelgids; Life-history characteristics of European birds; Life-history characteristics of European birds; A global database of bird nest traits v2; A global database of bird nest traits v2; EltonTraits 1.0