Terug naar nieuws

Begrazing en broedvogels in Meijendel

26-7-2026

In het artikel ‘Wie houdt het duin open?’ zetten we een aantal onderzoeken over begrazing en de ontwikkeling van de vogelstand op een rij. 

Die laten geen eenvoudig positief of negatief oordeel toe. Sommige vogelsoorten ontwikkelden zich gunstiger in begraasd gebied, terwijl onder andere Kleine karekiet, Kneu, Nachtegaal en Fitis een ongunstiger ontwikkeling lieten zien. Een rechtstreeks oorzakelijk verband is met de beschikbare gegevens niet altijd aantoonbaar.

Broedvogels vormen een belangrijke ecologische eindtoets. Hun aanwezigheid laat zien of nestdekking, voedsel, vegetatiestructuur, water en rust gezamenlijk op orde zijn. Een beheermaatregel is daarom niet automatisch geslaagd zodra het gras korter is of meer open zand ontstaat. Het gaat om een functioneel mozaïek van open zand, kruiden, ruigte, struweel, vochtige plekken en weinig of niet begraasde toevluchtsoorden.

Voor een betrouwbare beoordeling is meer informatie nodig over het begrazingsbeheer: waar liepen welke dieren, wanneer, in welke aantallen en onder welk regime? Door deze gegevens te koppelen aan de broedvogeltellingen die sinds 1958 per kavel worden verzameld, kan beter worden vastgesteld welke vogelgroepen van het beheer profiteren en welke mogelijk onder druk komen te staan.

Lees het volledige artikel ‘Wie houdt het duin open?’