Home page Zoeken
top

Vogelsoorten arrow Koekoek

Alle Koekoeken:
[euring: 7240]
Familienaam: Koekoeken (Cuculidae) Voor de familienamen wordt de indeling gevolgd van 'Dutch Avifauna' en 'Waarneming.nl'. Dat is niet altijd dezelfde als die van bijvoorbeeld Vogelbescherming of andere sites.

Klik deze info-button voor lijst van dutchavifauna,
klik de button links voor waarneming.nl.

Latin: Cuculus canorus | English: Cuckoo
Deutsch: Kuckuck | Français: Coucou gris | Español: Cuco


De Koekoek, een vogel die overwintert in zuid-oost Afrika in landen als Tanzania, Zambia en Zuid-Afrika. Medio april komen ze terug uit het winterkwartier en vestigen zich in wisselende biotopen. Ze laten zich in het voorjaar duidelijk en veel horen. En wie kent het geluid van de Koekoek niet!

Het is de enige vogel in ons gebied die de jongen laat grootbrengen door pleegouders (waardvogels); dit wordt broedparasitisme genoemd. Onderzoek heeft uitgewezen dat de Koekoek in de Nederlandse duinen parasiteert op 10 tot 15 soorten waardvogels. Daarbij is sprake van ('geërfde') specialisatie op één soort of familie en de eieren lijken sterk op die van de waardvogel. In totaal gaat het in Meijendel om vijf zogenaamde koekoekstammen. Lees verder onder de grafiek.

Een vrouwtje Koekoek legt jaarlijks zo'n 10 tot 14 eieren, eentje per waardnest, waarbij een ei van de waardvogel wordt verwijderd. Dit ene ei komt iets eerder uit dan die van de pleegouders. Het jong verwijdert vervolgens de eieren van de pleegouders uit het nest en zo stelt het voldoende voedsel (100%!) zeker om op te groeien.

De Koekoek heet bij ons een zomervogel te zijn. Maar eigenlijk trekken de meeste koekoeken al weg nog voordat het goed en wel zomer is. Dat wil zeggen: de volwassen vogels. In Groot-Brittannië heeft een spectaculair onderzoek uitgewezen dat sommige ouder vogels maar een paar weken in Engeland verbleven! Lees via deze link alle details over het onderzoek waarbij meerdere gezenderde Koekoeken via satellieten werden gevolgd!


De Koekoek is tegenwoordig een vrij schaarse broedvogel. Rond de eeuwwisseling waren er nog zo’n 6000 vrouwtjes. Tegenwoordig zijn dat er minder, afgaande op voorlopige kaarten van de Vogelatlas. Slechts in enkele gebieden bleef het aantal stabiel of nam het wat toe, in de meeste gebieden is afname troef. De Koekoek kan worden beschouwd als een ambassadeur voor een gezond en soortenrijk landschap. Gaat het slecht met de Koekoek, dan zegt dat wat over de degradatie van ons landschap.
Bron: Nieuwsbrief 32 van waarneming.nl


Op de Landelijke dag van Sovon van 2016 is een zeer interessante lezing gegeven over de Koekoek. Wetenschapper Nick Davies onthult hoe de Koekoek zijn gastheren beduvelt. Door speurwerk en veldexperimenten komt hij erachter dat er sprake is van een wedloop: de waardvogels leren de gemene spelletjes van de Koekoek steeds beter te doorzien, waardoor de Koekoek op zijn beurt weer op zoek gaat naar nieuwe listen. Via deze link is een video van de lezing te bekijken op youtube. Nicholas Davies is ook de auteur is van het boek 'De koekoek ' over hetzelfde thema. Dit boek is uitgeroepen tot BB/BTO 'Best bird book of the year'.

 
Klik op een jaartal in dit overzicht voor een jaarlijst
met kaartje van kavels waar territoria zijn vastgesteld
Jaar
Aantal
 '84   '85   '86   '87   '88   '89   '90   '91   '92   '93   '94   '95   '96   '97   '98   '99   '00   '01   '02   '03   '04   '05   '06   '07   '08   '09   '10   '11   '12   '13   '14   '15   '16 
24 49 49 61 45 40 46 36 45 55 51 47 43 42 41 30 21 31 31 25 26 24 22 30 22 27 24 25 21 20 27 39 35

In alle 33 geïnventariseerde jaren zijn territoria vastgesteld voor de Koekoek.
In de grafiek worden de aantallen per km² weergegeven, de tabel toont absolute aantallen.


de Koekoek behoort tot de ecologische groep soorten van bebouwing en overig en het broedresultaat wordt in de BMP-verslagen bij die groep besproken.
De grafiek links toont de ontwikkeling in NL De gegevens zijn afkomstig van het Broedvogel Monitoring Project (BMP). De grafiek toont de jaarlijkse populatie-index en de standaardfout, gebaseerd op tellingen in steekproefgebieden in het hele land. De gegevens uit 1984-1989 kunnen minder betrouwbaar zijn (grijze lijn).
Bron: www.sovon.nl
Kijk op SOVON.nl voor de landelijke spreiding
 
In 2004 werden in het kader van het BMP-onderzoek 26 territoria van de Koekoek in Meijendel vastgesteld. Middels een correctie voor dubbeltellingen kwam de schatting van het werkelijke aantal territoria uit op 13. Volgens Hellebrekers lag het werkelijke aantal territoria nog lager. Door uit te gaan van het aantal waardvogelterritoria (na correctie voor dubbeltellingen) berekende hij een maximum van 9 koekoekwijfjes in 2004 in Meijendel (Hellebrekers 2006).

In 2005 bracht de correctie voor dubbeltellingen het aantal van 24 BMP-territoria terug tot een geschat aantal van 14 werkelijke territoria. Uitgaande van de door Hellebrekers voorgestelde methode zouden ook in 2005 maximaal 9 koekoekwijfjes in de onderzochte kavels actief zijn geweest. De vraag rijst of de BMP-methode, na correctie voor dubbeltellingen, inderdaad het aantal koekoekterritoria overschat.

Onderzoek heeft uitgewezen dat de Koekoek in de Nederlandse duinen parasiteert op 10 tot 15 soorten waardvogels. Bij koekoekwijfjes is sprake van specialisatie. Er zijn bijvoorbeeld koekoekwijfjes, die hun eieren vrijwel uitsluitend in nesten van de Heggenmus leggen. Andere koekoekwijfjes zijn gespecialiseerd op de Kleine Karekiet, maar leggen ook eieren in nesten van Rietzanger of Bosrietzanger. In totaal gaat het in Meijendel om vijf zogenaamde koekoekstammen, gespecialiseerd in broedparasitisme van (1) Boom- en Graspieper, (2) Heggenmus, (3) Gekraagde Roodstaart en Roodborsttapuit, (4) Tapuit en (5) Rietzanger, Kleine Karekiet en Bosrietzanger.

Volgens Hellebrekers wordt van de nesten van Heggenmus, Gekraagde roodstaart en Roodborsttapuit in de duinen hoogstens 10% door de Koekoek geparasiteerd. Van de nesten van de overige waardvogels in de duinen hoogstens 15%. Rekening houdend met mogelijke vervolglegsels is soms voor de Koekoek meer dan één nest per waardvogelpaar beschikbaar. Dit zou in de duinen alleen het geval zijn bij Gekraagde roodstaart, Roodborsttapuit en Tapuit. Voor het aantal beschikbare nesten van deze soorten gaat Hellebrekers uit van een factor 1,4 maal het aantal broedparen. Aldus kan, gegeven het aantal broedgevallen van de mogelijke waardvogels, berekend worden hoeveel nesten door de Koekoek maximaal zijn geparasiteerd.

Tegenover het aantal geparasiteerde nesten staat het aantal koekoekwijfjes dat daarvoor verantwoordelijk is. Dit is afhankelijk van het aantal eieren, dat een koekoekwijfje gemiddeld in een seizoen legt. Op basis van divers onderzoek gaat Hellebrekers ervan uit dat een koekoekwijfje, gespecialiseerd op Kleine karekiet en verwanten, gemiddeld twaalf eieren legt per seizoen. Koekoekwijfjes, gespecialiseerd op de overige waardvogels, zouden gemiddeld tien eieren leggen per seizoen. Aldus kan het maximale aantal koekoekwijfjes worden berekend, dat in een bepaald gebied actief is.

Ter verduidelijking nemen we als voorbeeld de Heggenmus en de op deze waardvogel gespecialiseerde koekoekstam. In 2005 zijn in de geïnventariseerde kavels in Meijendel, na correctie voor dubbeltellingen, 343 territoria van deze waardvogel vastgesteld. Bij 343 beschikbare nesten en een bezettingspercentage van 10% kunnen 34 nesten geparasiteerd zijn. Indien vervolgens elk koekoekwijfje tien eieren legt, was er in het inventarisatiegebied hoogstens plaats voor drie koekoekwijfjes, die zijn gespecialiseerd op de Heggenmus.

Voor ieder jaar uit de periode 1986 tot en met 2005 zijn de BMP-aantallen van Koekoek en waardvogels in Meijendel gecorrigeerd voor dubbeltellingen. Omdat in Meijendel ieder jaar ten opzichte van het voorgaande jaar een andere combinatie van kavels geteld wordt, zijn de uitkomsten voor de verschillende jaren niet goed vergelijkbaar. Die vergelijkbaarheid kan verbeterd worden door de uitkomsten te corrigeren voor de verschillen in geïnventariseerde oppervlakte per jaar, waarbij als basis de in 2005 geinventariseerde oppervakte van 1274 hectare is genomen (tabel 2). Bijvoorbeeld in 1986 is in totaal 907 hectare geinventariseerd. De voor dubbeltellingen gecorrigeerde aantallen in 1986 zijn daarom vermenigvuldigd met een factor 1274/907.

Al met al kunnen de volgende conclusies getrokken worden:

1. In de periode 1986 tot en met 2005 is het aantal broedgevallen van de Koekoek in Meijendel afgenomen met ongeveer 60%.
2. Deze afname kan voor tweederde verklaard worden uit de afname van de waardvogels.
3. In dezelfde periode is het maximale aantal koekoekwijfjes afgenomen met 40%, afgeleid uit het verloop van het broedbestand aan waardvogels.
4. Het werkelijke aantal jaarlijkse broedgevallen van de Koekoek in Meijendel is uiterst onzeker. De meest aannemelijke schatting komt uit op tweederde van het aantal BMP-territoria (na correctie voor dubbeltellingen). Daarmee is de dichtheid aan koekoekterritoria in de periode 1986 tot en met 2005 afgenomen van 2,0 tot 0,7 per 100 hectare.

Literatuur
Hellebrekers AW, 2004. Heeft de Koekoek overlevingskansen? Datawyse Boekproducties, Maastricht.
Hellebrekers AW, 2006. Het inventariseren van koekoeken. Holland’s Duinen 48: 65.
Hooijmans F, 2005. Een schatting van de werkelijke broedvogelaantallen in Meijendel in 2004. Holland’s Duinen 47: 51-56.
Hustings MFH, RGM Kwak, PFM Opdam en MJSM Reijnen, 1985. Vogelinventarisatie: achtergronden, richtlijnen en verslaglegging. Pudoc, Wageningen.
Oppentocht JP, 2005. Broedvogelmonitoring Meijendel 2004. Holland’s Duinen 47: 37-48.
Van Dijk AJ, 2004. Handleiding Broedvogel Monitoring Project (Broedvogelinventarisatie in proefvlakken). SOVON Vogelonderzoek Nederland, Beek-Ubbergen.


Mogelijke oorzaak achteruitgang Koekoek boven tafel?
Fenologische aanpassingen ten aanzien van de klimaatverandering variëren per soort en voedselketen. Dat kan leiden tot uitelkaar schuivende levenscycli van ecologisch op elkaar afgestemde populaties (zoals prooi en predator), met negatieve consequenties op de populatiedynamiek van een of beide betrokken soortgroepen.

In het artikel dat in Biology Letters verscheen is, tot zover bekend, voor het eerst bewezen dat de klimaatverandering de levenscycli van Koekoek en gastheren kan verstoren. Er is voor dit onderzoek gekeken naar de voorjaarsfenologie van de Koekoek en de soorten die zij kiest als gastheer voor haar ei/kuiken.

Men kwam er achter dat de korte-afstands-gastheren eerder terugkwamen uit hun overwinterings-gebieden maar de lange-afstands-gastheren niet. Dit heeft in potentie consequenties voor zowel de Koekoek alsook voor de gastheren.

Het uitelkaar schuiven van de levenscycli van de Koekoek en een aantal van de belangrijkste gastheren kan resulteren in de achteruitgang van de Koekoek en verklaart wellicht ook waarom van een aantal gastheer-soorten het aantal geparasiteerde nesten is gestegen of juist gedaald.

Bescherming van de Koekoek

Klik dit icon om de gehele Rode lijst in een 'handzaam' overzicht te bekijken
[overgenomen van Vogelvisie.nl]

de Koekoek staat in de Rode Lijst van Nederlandse broedvogels en is daar ingedeeld bij de 'Kwetsbare soorten'. 'Kwetsbare soorten': Soorten die zijn afgenomen en vrij tot zeer zeldzaam zijn en soorten die sterk tot zeer sterk zijn afgenomen en vrij zeldzaam zijn.

Vogelzang en/of andere -geluiden op het internet. Gebruik de hyperlinks naar externe sites.

Xeno-canto is een website waar geluidsopnames van vogels uit de gehele wereld worden gedeeld.
  • Zoek er naar geluiden van de Koekoek via deze link, waarbij Nederland als zoekgebied is ingesteld.
  • Als dat geen of onvoldoende resultaten oplevert, kan op Xeno-canto het zoekgebied worden vergroot. De gepresenteerde kaart geeft dan meteen ook een fraai overzicht van het spreidingsgebied van de Koekoek.

Ook op waarneming.nl zijn van de meeste soorten geluidsfragmenten te vinden.
Zoek ze via deze link.

top